DMT-emergencyN,N-dimethyltryptamine, beter bekend als DMT, is een buitengewoon snelwerkend en krachtig psychedelicum. DMT kan worden genomen door het entheogene brouwsel ayahuasca te drinken, door het intraveneus of in de spieren te injecteren, of door het te inhaleren. Het wordt in verschillende planten en dieren van nature aangemaakt, inclusief in de mens. Zoals besproken in Jacobi en Presti (2005) heeft DMT, naast geest-veranderende effecten, ook een fysiologische werking. Zo zijn bijvoorbeeld anxiolytische en antidepressieve effecten aangetoond (Sanches et al, 2016).

DMT is niet alleen een agonist van serotonine 2A- en 2C-receptoren (5-HT2A and 5-HT2C); het bindt zich ook aan vermeende σ1-receptoren en spoor-amine-receptoren (Vitale et al. 2011). Daarenboven kunnen zijn serotonergische analogen immunoregulatie beïnvloeden en mogelijk zelfs carcinogenese voorkomen (Frecska et al. 2012). De veelzijdige interacties van DMT laten zien dat de effecten ervan niet beperkt blijven tot het centrale zenuwstelsel, maar mogelijk nog een crucialere rol spelen in de cellulaire beschermingsmechanismen van het lichaam (Frecska et al. 2012).

Dr. Ede Frecska heeft meerdere papers gepubliceerd over de effecten van ayahuasca en DMT op creativiteit, weefselregeneratie, en de interhemisferische fusie in veranderde bewustzijnstoestanden (Frecska et al. 2016). Nu recentelijk is ontdekt dat DMT de σ1-receptor – die een cruciale rol speelt bij de bescherming van het lichaam tegen oxidatieve stress – activeert, onderzoeken dr. Frecska en zijn team momenteel wat de rol van DMT is bij neurobescherming in de fase vóór de klinische dood (Frecska 2015).

σ1-Receptoren spelen een sleutelrol in neurobescherming door zowel neuronale ontwikkeling als morfogenese te reguleren. Dit geschiedt door middel van regulatie en manipulatie van oxidatieve stress en mitochondriale functies (Tuerxun et al. 2010). Agonisten van σ1-receptoren versterken neurobeschermende effecten door intracellulaire calcium-overbelasting tegen te houden en door de activering van pro-apoptopische genen te dwarsbomen, alsook door beschermende genen te activeren, zoals is aangetoond in beroertemodellen (Zhang et al. 2012). Dit leidt tot de afname van calciumneurotoxiciteit, voorkomt celdood door oxidatieve stress, en kan neuronale plasticiteit stimuleren (Kourrich et al. 2012). Een van de belangrijkste ontdekkingen is dat de voortdurende activatie van σ1-receptoren tijdens ischemie leidt tot een reductie van de neurotoxiciteit (Katnik et al. 2006). Uiteindelijk suggereert dit onderzoek dat DMT een rol zou kunnen spelen in het doen afnemen van hypoxie/anoxie-schade zoals lokale anoxie (bv. een beroerte) of algemene hypoxie (zoals bij een hartstilstand) (Kourrich et al. 2012).

De medicinale eigenschappen van DMT blijven niet beperkt tot neurobescherming, maar reiken mogelijk ook tot immunobescherming. De 5-HT2A– en ook de sigma-receptoren kunnen het immuunsysteem van het lichaam diepgaand beïnvloeden. Serotonine speelt een belangrijke rol in cellulaire immuunfuncties, en meer in het bijzonder in het onschadelijk maken van pathogenen en kankercellen (O’Connell et al. 2006). Agonisten van de σ1-receptoren- kunnen niet alleen de productie van anti-inflammatoire cytokinen doen toenemen, maar ook pro-inflammatoire cytokinen doen afnemen. Beide processen zijn van belang bij het terugdringen van celschade in geval van verwondingen of ziekte (Frecska et al. 2012).

Of DMT ook vrijkomt tijdens bijna-doodervaringen blijft voorlopig nog speculatief, aangezien er maar weinige parallellen bestaan tussen deze ervaringen en DMT-visioenen (Strassman 2001). Echter, men zou op basis van de huidige – beperkte – kennis in dezen de hypothese kunnen maken dat DMT wordt geproduceerd in levensbedreigende situaties. McEwen en Sober (1967) hebben aangetoond dat konijnen die extreme omgevingsstress ondergaan aanzienlijke hoeveelheden DMT aanmaken in hun longen, die vervolgens worden afgegeven aan het bloed (McEwen & Sober 1967). De DMT wordt daarna doorheen de neurale membranen naar synaptische blaasjes getransporteerd en aan de hersenen afgeleverd. Rekening houdend met de relatie tussen DMT en σ1-receptoren, wordt de hypothese gehanteerd dat DMT opgebouwde oxidatieve stress beperkt of omkeert. Dit fungeert als de basis van de hypothese van dr. Frecska, en als er bewijs wordt gevonden voor de rol van DMT in de neurobescherming van het menselijke brein in de fases voorafgaand aan klinische dood, dan zou DMT mogelijk gebruikt kunnen worden in de spoedeisende geneeskunde. Als dit slaagt, dan zou je je kunnen voorstellen dat ampullen DMT zullen worden gebuikt in ambulances, operatiekamers en rampgebieden. Klinisch onderzoek met mensen is nog wel nodig om te bepalen of dit wel of niet haalbaar is.

Ook al richt het onderzoek van dr. Frecska zich op preklinische studies met ratten, zijn onderzoek heeft verder gekeken dan de louter hallucinogene relevantie van DMT en heeft perspectieven geopend voor verder onderzoek naar de neurobeschermende rol van DMT. De mogelijke medische gevolgen hiervan zijn aanzienlijk. De toepassingen van DMT liggen misschien nog wel voorbij wat we ons kunnen voorstellen, en verdienen het zeker om systematisch te worden onderzocht.

Referenties

Frecska, E., 2015. What role does the ‘spirit molecule’ DMT play in the brain?.

[Online] Available at: http://walacea.com/campaigns/dmt

Frecska, E., Bokor, P. & Winkelman, M., 2016. The Therapeutic Potentials of Ayahuasca: Possible Effects against Various Diseases of Civilization. Frontiers in Pharmacology, p. 10.3389.

Frecska, E. et al., 2012. A possibly sigma-1 receptor meditated dole of dimethyltryptamine in tissue protection, regeneration and immunity. Translational Neuroscience, pp. 1-18.

Jacob, M. & Presti, D., 2005. Endogenous psychoactive tryptamines reconsidered: an anxiolytic role for dimethyltryptamine.. Medical Hypotheses, 64(5), pp. 930-7.

Katnik, C. et al., 2006. Sigma-1 receptor activation prevents intracellular calcium dysregulation in cortical neurons during in vitro ischemia. Journal of Pharmacology and Experimental Therapeutics, Band 319, pp. 1355-1365.

Kourrich, S., Tsung-Ping, S., Fujimoto, M. & Bonci, A., 2012. The sigma-1 receptor: roles in neuronal plasticity and disease. Trends Neuroscience, 35(12), pp. 762-771.

McEwen, C. & Sober, A., 1967. Rabbit serum monoamine oxidase. The Journal of Biological Chemistry, Band 242, pp. 3068-3078.

O’Connell, P. et al., 2006. A novel form of immune signaling revealed by transmission of the inflammatory mediator serotnin between dendritic cells and T cells. Blood, Band 107, pp. 1010-1017.

Sanches, R. F. et al., 2016. Antidepressant Effects of a Single Dose of Ayahuasca in Patients With Recurrent Depression: A SPECT Study. Journal of Clinical Psychopharmacology, 36(1), pp. 77-81.

Strassman, R., 2001. DMT: The Spirit Molecule. First Hrsg. Rochester: Park Street Press.

Strassman, R. & Qualis, C., 1994. Dose-response study of N,N-dimethyltryptamine in humans. I. Neuroendocrine, autonomic, and cardiovascular effects. Archives of General Psychiatry, pp. 85-97.

Tuerxun, T. et al., 2010. SA4503, a sigma-1 receptor agonist, prevents cultured cortical neurons from oxidative stress-induced cell death via suppression of MAPK pathway activation and glutamate receptor expression. Neuroscience Letters, Band 469, pp. 303-308.

Zhang, Y. et al., 2012. Sigma-1 receptor agonists provide neuroprotection against gp12- via a change in bel-2 expression in mouse neuronal cultures. Brain Research, Band 1431, pp. 13-22.